Contacteer ons of spring binnen op Raas van Gaverestraat 67b in Gent.

Ontdek onze groepsbegeleidingen, en evenementen.

Het laatste nieuws en interessantste weetjes over de wereld van adoptie.

Ontdek een hulpverlener bij jou in de buurt via deze handige adoptiekaart.

Wil je meer weten?

Hier vind je meer informatie over uiteenlopende thema's zoals belang van het kind, specifieke ondersteuningsbehoeften, nazorg, opvoeding, identiteit en roots.

Nazorg:

  • Paper over betekenis van onvruchtbaarheid bij adoptie
  • Rapport Nazorg en adoptie
  • Rouw en verliesverwerking bij geadopteerden
  • Negatieve gevolgen van langdurige stress

Bekijk alles

Literatuurstudie: de psychosociale impact van wanpraktijken op betrokkenen

In juli 2019 stelde de Vlaamse Regering een expertenpanel samen om onderzoek te voeren naar interlandelijke adopties uit het verleden en om beleidsaanbevelingen te formuleren. Op 2 september 2021 publiceerde het expertenpanel interlandelijke adoptie haar eindrapport en vier deelrapporten.

Hieronder vind je een samenvatting van het deelrapport ‘Wanpraktijken bij transnationale adoptie – rapport literatuurstudie’. Het volledige deelrapport door Niels Vanspauwen, dr. Jasmina Sermijn & prof. dr. Gerrit Loots lees je hier.

Methodologie en onderzoeksvragen

De literatuurstudie is gebaseerd op 15 wetenschappelijke publicaties. De publicaties bespreken de psychosociale impact van wanpraktijken op geadopteerden (4), eerste ouders (5), adoptieouders (3) of meerdere betrokken partijen (3) in landen zoals Argentinië, Australië, China, Guatemala en India. De onderzoekers vonden geen publicaties over de impact in de Belgische context.

De centrale onderzoeksvragen zijn:

1) Wat is volgens de literatuur de psychosociale impact van wanpraktijken bij transnationale adoptie op adoptieouders, geadopteerden, eerste ouders en hun gemeenschap?

2) Welke noden en behoeften worden vermeld in de beschikbare literatuur?

Impact op adoptieouders

Uit de literatuurstudie blijkt dat de meeste adoptieouders adoptie aan het begin van de procedure vooral beschouwen als een manier om kinderen te redden uit erbarmelijke situaties. Wanneer zij geconfronteerd worden met het bestaan van wanpraktijken daagt dat hun oorspronkelijk idee van adoptie als beschermingsmaatregel uit. Zij kunnen schuld en schaamtegevoelens ervaren en zich vragen stellen over hun verantwoordelijkheid. Uit angst als medeplichtig te worden beschouwd, kunnen zij weigerachtig tegenover hulpverlening staan.

Als er een gebrek is aan transparantie over de procedure maken adoptieouders meer melding van verdriet, frustratie, hulpeloosheid, angst en zorgen. Daarnaast kunnen adoptieouders die zich onvoorbereid voelen (bv. wanneer medische of psychologische info over het kind werd achtergehouden), terechtkomen in een neerwaartse spiraal van toenemende familiale stress en hulpeloosheid. Hun schaamte over het gevoel te falen als ouder staat dan de aandacht voor opvoedingsvragen in de weg.

Adoptieouders die publiekelijk getuigen over wanpraktijken botsen op ongeloof en ontkenning door hun directe omgeving, andere adoptieouders en hulp- en dienstverleners.

Impact op geadopteerden

De literatuurstudie toont aan dat de kennisname van wanpraktijken een impact kan hebben op de identiteit, het zelfvertrouwen, de hechting, de relaties binnen het gezin en de beleving van traumatiserende gebeurtenissen van de geadopteerde.

Geadopteerden die ontdekken dat ze geadopteerd werden na ontvoering, maken vaker melding van psychosomatische stoornissen, verslaving en middelenmisbruik, verlatingsangst, vertrouwens- en hechtingsproblemen, angststoornissen, identiteitsproblemen en een negatief zelfbeeld. Ook hun kinderen zijn meer geneigd de eigen mentale gezondheid als ondermaats te beoordelen in vergelijking met kinderen van volwassenen die niet ontvoerd werden en in hun gezin van herkomst opgroeiden.

Soms voelen geadopteerden zich verantwoordelijk voor het lijden en sociaal onrecht dat hun eerste gezin en adoptiegezin wordt aangedaan door de vastgestelde wanpraktijken, waarbij de individuele noden van geadopteerden overschaduwd dreigen te worden. Een warme opvoedingscontext en een positieve relatie met het adoptiegezin kunnen, maar zeker niet altijd, bescherming bieden tegen de mogelijke psychosociale impact van de vaststelling van wanpraktijken.

Bijkomend kunnen wanpraktijken (bv. verzonnen informatie) de toegang tot informatie over de eigen herkomst bemoeilijken, wat de identiteitsvorming verder onder druk zet.

Hechting en de rol van trauma

Uit de literatuurstudie blijkt dat wanpraktijken een impact hebben op de hechtingsontwikkeling van geadopteerden. Hierbij is het moeilijk om een onderscheid te maken tussen de impact van de ervaringen voorafgaand aan de adoptie (bv. verblijf in weeshuis), de impact van het adoptieproces (bv. plotse scheiding van de eerste ouders), de impact van de verdere opvoeding en de interacties hiertussen. Vaak bieden studies naar de impact van wanpraktijken op hechting geen eenduidig antwoord op vragen over oorzaak en gevolg.

Alleszins zijn wantrouwen en hechtingsproblemen begrijpelijk in de context van traumatische ervaringen ten gevolge van ontvoering en abrupte scheiding van de eerste ouders. Onderzoekers waarschuwen dan ook voor het overmatig individualiseren en problematiseren van gedragspatronen van kinderen door diagnoses zoals hechtingsstoornissen. Ze benadrukken dat er ook aandacht moet zijn voor positieve indicatoren, zoals de ontwikkeling van veerkracht bij kind en adoptieouder.

Identiteitsbeleving

Wanpraktijken blijken niet alleen een impact te hebben op hechting, maar ook op de identiteitsbeleving van geadopteerden.

Geadopteerden die op latere leeftijd horen over hun adoptie en de mogelijke illegale aard daarvan, hebben het gevoel geen authentiek leven geleid te hebben. Daarnaast kan een gebrek aan informatie over de eigen herkomst door wanpraktijken gelinkt worden aan een gevoel onvolledig en anders te zijn, nergens thuis te horen en een verlangen naar informatie over de eigen herkomst. Ook zonder dat er sprake is van een wanpraktijk, kunnen geadopteerden deze gevoelens ervaren.

De beleving van de identiteit hangt samen met de identiteitsverhalen die maatschappelijk beschikbaar zijn. Wanneer geadopteerden terechtkomen in een maatschappelijke context waar de identiteitsverhalen die circuleren onvoldoende aansluiten bij de eigen belevingswereld kan dit aanleiding geven tot een gefragmenteerde identiteit. Zo kan een gebrek aan verbinding met de cultuur van herkomst en opgroeien in een context van racisme leiden tot een identiteitscrisis. Daarnaast is er een verband tussen de capaciteit tot integratie van de onthulde wanpraktijken in de identiteit en de mate waarin de feiten publiekelijk erkend worden.

Impact op eerste ouders

Uit de literatuurstudie blijkt dat de psychosociale impact van wanpraktijken op eerste moeders (er is een gebrek aan literatuur bij eerste vaders) verregaand en langdurig is.

Eerste moeders die onder druk werden gezet om hun kind af te staan, scoren slechter op lichamelijke en geestelijke gezondheid. Er is sprake van vertrouwensproblemen, een laag zelfbeeld, trauma, depressieve en suïcidale gedachten, een onbeantwoord verlangen naar het ontnomen kind, dissociatie (het onderdrukken en ‘vergeten’ van ingrijpende gebeurtenissen), aanhoudende apathie en andere posttraumatische stresssymptomen. Ook kan de gedwongen adoptie een nieuwe kinderwens van eerste moeders in de weg staan.

Bij het verlies van een kind ten gevolge van wanpraktijken (onder dwang, valse voorwendselen of ontvoering) botsen eerste moeders op een ambigu verlies. Hoewel het kind fysiek afwezig is, zijn ze niet in staat om er ook psychologisch afstand van te nemen. Een gebrek aan informatie over de gebeurtenissen en de huidige situatie van het kind versterkt deze tegenstrijdige beleving. Ze voelen zich vaak alleen, verkeerd begrepen en missen gemeenschapsrituelen om afscheid te kunnen nemen.

Eerste moeders zwijgen soms over het verlies van hun kinderen uit angst voor intimidatie, reacties van ongeloof, sociale afkeuring en stigmatisering, maar ook om de harmonie van het eigen gezin te beschermen. Uit de literatuurstudie blijkt verder dat eerste moeders zichzelf vaak de schuld geven voor het verlies van hun kind en zichzelf niet langer waardig voelen om te zorgen voor andere personen uit de omgeving.

Hoewel in stilte rouwen gezien kan worden als een uiting van veerkracht en doorzettingsvermogen, kunnen verzwegen trauma’s gepaard gaan met een ernstige vorm van dissociatie en een verhoogd risico op bijkomende symptomen: van pathologische rouw over angststoornissen tot risicovol drank- en druggebruik en zelfmoordpogingen.

Impact op de gemeenschappen

Gemeenschappen en landen van herkomst kampen vaak met een gevoel van schaamte en gedeelde hulpeloosheid als reactie op adoptieschandalen. Door maatschappelijke en politieke stilte krijgen taboes over het bestaan van wanpraktijken vorm en wordt het ervaren onrecht van betrokkenen in twijfel getrokken.

Noden en behoeften

De literatuurstudie wijst op vier herstelmaatregelen voor geadopteerden, eerste ouders en adoptieouders die geconfronteerd werden met wanpraktijken:

(1)     Toegang krijgen tot informatie en cultuur

Informatie over het gezin van herkomst kan geadopteerden helpen om de vroegkinderlijke breuk met de eerste ouders een plaats te geven binnen het eigen levensverhaal. Een zoektocht naar het verleden vergt vaak grote mentale en praktische inspanningen. Het belang van een sociaal netwerk en psychologische begeleiding wordt dan ook benadrukt.

Niet elke geadopteerde wil meer weten over de eigen herkomst, ook al is er sprake van een gedwongen adoptie. Hierbij geeft men angst voor de mogelijke ontwrichtende gevolgen op de zelfbeleving en de mogelijke impact op de relaties met de adoptieouders als belangrijkste redenen op.

Naast het achterhalen van biografische informatie, kan het integreren van meerdere culturen belangrijk zijn voor de identiteitsconstructie van geadopteerden. Hierbij kunnen culturele en/of spirituele bindingen met de gemeenschap of context van herkomst nuttig zijn. Hoewel deze meervoudige culturele binding vaak overschaduwd wordt door denkbeelden van de maatschappij waarin met na de adoptie opgroeit, toont onderzoek een positief verband tussen het zelfvertrouwen van geadopteerden en de mate waarin het adoptiegezin erin slaagt om de authentieke toegang tot andere culturen te vergroten.

Voor de eerste ouders is het belangrijk om antwoorden te krijgen over de gebeurtenissen en verliesverwerking mogelijk te maken.

(2)     Toegang hebben tot adoptiespecifieke hulp- en dienstverlening

Hulp- en dienstverlening moet rekening houden met verschillende levensfasen en de vragen die daaruit ontstaan voor geadopteerden en adoptieouders.

Het risico bestaat dat opvoedingsuitdagingen binnen het adoptiegezin gereduceerd worden tot individuele problematieken eigen aan het kind en zijn adoptie en er te weinig wordt stilgestaan bij emotionele en psychologische problemen die al voor de adoptie een invloed hadden op het functioneren van het gezin (bv. rouwproces na infertiliteitstraject).

Eerste ouders hebben nood aan toegang tot informatie over de eigen rechten, waarbij er aandacht is voor het begripsvermogen van ouders wanneer zij ongeletterd zijn of leerproblemen hebben. Het herhalen van stigmatisering in de aangeboden ondersteuning moet vermeden worden. Bijzondere aandacht kan gegeven worden aan de wijze waarop eerste moeders hun perceptie van ‘goede’ en ‘slechte’ ouders vormgeven in interactie met hun omgeving.

(3)     Bewerkstellingen van familiereünies

Een reünie is geen eenmalige, losstaande gebeurtenis, maar vormt een start van mogelijke relaties en nieuwe manieren waarop betekenissen en identiteit samen geconstrueerd worden.

Onderzoeksbevindingen inzake de effecten van reünie op het psychosociaal welbevinden van geadopteerden zijn uiteenlopend. Naast positieve belevingen, waarbij melding wordt gemaakt van een innerlijk gevoel van rust, ‘voortgang van het leven’ door het verkrijgen van antwoorden en een positieve transformatie in de eigen identiteit, kunnen reünies leiden tot stress, verwarring en meer vragen, omdat er meerdere verhalen gedeeld worden die elkaar tegenspreken.

Ook adoptieouders hechten belang aan het contact met de eerste ouders, omdat hun adoptiekinderen zo toegang kunnen krijgen tot informatie over de eigen herkomst en het hen kan helpen om de scheiding met de eerste ouders een plaats te geven. Toch kan een reünie voor adoptieouders ook leiden tot verhoogde gevoelens van onzekerheid over de eigen ouderrol.

Ook voor eerste ouders kan een reünie ambivalent aanvoelen en gepaard gaan met wisselende emoties. De reünie kan een ervaring zijn die zowel verrijking (contact en opbouw van een relatie) als verlies (verloren moederrol) met zich meebrengt.

(4)     Ervaren van maatschappelijke en politieke erkenning

Erkenning van wanpraktijken geeft aan betrokkenen een bevestiging van de psychosociale impact en het ervaren onrecht, zonder dat de problemen die ze ervaren dreigen geïndividualiseerd en fout gediagnosticeerd te worden. Daarnaast doorbreekt het de stilte die in onze samenleving leeft rondom dit onderwerp, waardoor het recht op informatie en identiteit ruimte krijgt.