Contacteer ons of spring binnen op Raas van Gaverestraat 67b in Gent.

Ontdek onze groepsbegeleidingen, en evenementen.

Het laatste nieuws en interessantste weetjes over de wereld van adoptie.

Ontdek een hulpverlener bij jou in de buurt via deze handige adoptiekaart.

Wil je meer weten?

Hier vind je meer informatie over uiteenlopende thema's zoals belang van het kind, specifieke ondersteuningsbehoeften, nazorg, opvoeding, identiteit en herkomst.

Identiteit en herkomst:

  • Gezocht en (niet) gevonden: theoretische achtergrond
  • Adoptieverhaal "Mijn ouders zijn mijn ouders niet"
  • Racisme bij geadopteerden: vijf getuigenissen
  • Onderzoek - Van primal naar colonial wound

Bekijk alles

Mijn mama/papa is geadopteerd

Er wordt vaak stilgestaan bij geadopteerden, eerste ouders en adoptieouders en wat adoptie voor hen betekent. Maar wat met hun omgeving? Welke impact heeft dit op bijvoorbeeld de kinderen van geadopteerden? Welke vragen stellen zij zichzelf?

Aan het woord zijn Danai en Emilie, beiden dochter van een geadopteerde. Ze vertellen hoe de adoptie van hun mama of papa hun leven beïnvloedt.

Wie?
Danai is 21 jaar en student. Haar mama werd in 1976 geadopteerd uit India. Haar papa is wit en in België geboren. Ze is enig kind. In de familie was ook een geadopteerde nonkel, de broer van haar mama. Hij werd geadopteerd uit Chili en stierf negen jaar geleden.

Emilie werkt en is 27 jaar. Haar vader kwam in 1964 vanuit India naar België. Haar mama is wit en in België geboren. Ze heeft een jongere zus. Haar papa stierf toen ze 16 jaar was. Ze heeft nog een tante die ook uit India geadopteerd werd, de zus van haar papa.

Emilie en Danai ontmoetten elkaar via a-Buddy.

Impact van adoptie
Sinds enkele jaren zijn Danai en Emilie meer bezig met de adoptie van hun mama en papa, en de impact ervan op hun eigen leven. Ze zijn op zoek naar dat deeltje van hun identiteit waarop ze geen antwoorden vinden: wie vormt mijn biologische familie in India? Wat van mijn persoonlijkheid maakt me Indisch? Tot welke kaste behoorde mijn mama/papa? Welke religie hadden ze? Waarom werden ze afgestaan? …

Danai: “Mijn mama is op een heel andere manier bezig met haar adoptie dan ik. Ze leek er vroeger nooit echt last van te hebben, of stond er niet bij stil. Na mijn geboorte was ze er iets meer mee bezig. En nu is het een zoektocht van ons allebei. Het is iets waar we allebei mee worstelen, maar dan op een volledig andere manier. Ik ben enorm op zoek naar het stukje India in mij en mijn moeder stoot dat net af.”

Begin 2020 ging Emilie voor het eerst naar India, 10 jaar na het overlijden van haar vader. “Ter plaatse is het allemaal heel snel gegaan.  Het was van het ene naar het andere. Zo bezocht ik op de eerste dag al onmiddellijk een weeshuis en de dag erop het weeshuis waar mijn vader verbleef. Dus het is niet vreemd dat ik de reis niet ten volle beleefde. Ik voelde me wel keigoed in India en had er echt een thuisgevoel. Ook omdat mensen me niet aanspraken met de vraag van waar ik kom – iets wat ik in België zo vaak tegenkom. Cultureel gezien voel ik me half-Indisch. Ik behoor tot dat volk. Ik zou heel graag om de zoveel jaar opnieuw naar India gaan.”

Danai herkent het gevoel van thuiskomen in India, al voelde ze zich er ook toerist: “Ik worstelde tijdens de reis vaak met mijn half-half-identiteit. Ik voel me meer Indisch dan Belgisch. Wat vreemd is, want ik ben maar één keer in India geweest, waar ik net werd gewezen op dat Belgische stukje van mijn identiteit. Ik werd wél vaak gevraagd van waar ik kom. Wellicht omdat mijn papa erbij was en mijn mama een veel donkerdere huidskleur heeft dan ik. Je bent dus het een, maar ook het ander. Je bent beide. Dat maakt het moeilijk om je met iemand te identificeren.”

Emilie: “Ik heb met mijn vader nooit echt over roots kunnen praten, over dat stukje India in onze identiteit. Mijn ouders zijn gescheiden toen ik 9 was en daarna woonde mijn vader in Frankrijk. Dus ik heb hem de laatste jaren van zijn leven niet zo vaak gezien. Ik vermoed dat mijn vader het erg moeilijk had met zijn adoptie. Ik voel het aan alles. Er ligt een soort taboe op het gespreksonderwerp ‘de adoptie van mijn papa’ en al zijn emoties daarbij, nog steeds. Gesprekken met mijn mama en oma, de mama van mijn papa, helpen me om mijn beeld over mijn vader te construeren.”

Danai heeft altijd een goede band gehad met haar mama, al verliep het na het overlijden van haar nonkel minder goed: “Toen ik twaalf was, kreeg mijn mama’s broer kanker. Hij was ook geadopteerd, uit Chili, maar had het veel moeilijker met zijn adoptie. Na zijn overlijden was mama er minder voor me. Door therapie is ze meer gaan stilstaan bij haar adoptie, en ik weet dat ze worstelt met zelfdodingsgedachten. Da’s heel hard om te horen en om te weten. Ik begrijp haar aan de ene kant heel goed, maar aan de andere kant totaal niet. Ik kan me gewoon ook niet voorstellen hoe het moet zijn je ouders niet te kennen.”

“Ik denk dat trauma’s intergenerationeel doorgegeven worden,” zegt Emilie. “Sowieso ben ik ervan overtuigd dat mijn vader trauma’s had. Dat kan niet anders als je leven op de manier start zoals bij hem het geval was. Ik heb soms het gevoel dat hij mij die trauma’s doorgegeven heeft.

Ik heb veel vragen en voel een enorme drang om mijn Indische familie te zoeken, maar ik weet niet hoe of waar te beginnen. Papieren zijn er niet meer… Het gaat over leven met het feit dat er misschien ergens familie in India naar jou op zoek is, terwijl jij hen zoekt, op een ander continent. Je kan dat niet overbruggen. Da’s heel frustrerend. Je eigen identiteit construeren is heel moeilijk als je niet alle deeltjes van die puzzel hebt.”

“Ik geloof daar ook in, in het intergenerationeel doorgeven van trauma’s. Zo heb ik een deel van de verlatingsangst van mijn moeder geërfd,” merkt Danai op. “Ik ben wel heel blij dat we nu in een wereld leven waarin het mogelijk is over je gevoelens en trauma’s te praten, wat vroeger heel wat minder was. Adoptie en alle vragen errond mochten vaak de oppervlakte niet raken.”

Representatie
“Je vindt in België niet altijd de nodige representatie. Ik had wel mijn tante, maar geen rolmodellen uit India. En de personages die je in tv-series ziet, zijn ook zodanig stereotiep dat je er geen goed gevoel van krijgt. Denk maar aan Raj uit The Big Bang Theory, of Apu uit The Simpsons. Doorheen mijn kindertijd en jeugd internaliseerde ik dat racisme. Het werd genormaliseerd. Ik maakte er zelf mopjes rond. En nu, sinds een paar jaar, besef ik dat die ‘mopjes’ niet normaal zijn. Ik behoor niet tot de witte meerderheid en ben gaan lezen en opzoeken over India. Ik ben blij dat ik mezelf die positieve connotatie over India gegeven heb.”
Emilie krijgt nu nog af en toe te maken met racistische uitspraken. “Vijf jaar geleden kreeg ik de boodschap ‘ga terug naar je eigen land’ naar mijn hoofd geslingerd. Dat was een kantelpunt voor mij: ik ben niet Belgisch. Ik hoef niet uit te leggen dat het een enorme impact gehad heeft.”

Danai: “Soms krijg je de vraag van waar je bent. Dan bedoelen ze niet de stad of gemeente waar je woont. Mensen bedoelen dat niet verkeerd, maar ze staan gewoon niet stil bij de lading die de vraag draagt. Het lijkt een simpele, normale vraag, maar ze kan zo’n grote impact hebben. De mensen benadrukken zo dat je niet van hier bent. Terwijl dat in se geen racistische uitspraak is of niet zo bedoeld wordt, maar je krijgt wel de boodschap dat je hier niet thuishoort.”

“Zelf kwam ik nog niet veel in aanraking met racisme, maar één herinnering zal me altijd bijblijven: in het lager onderwijs moest ik altijd zwarte piet spelen van mijn vriendinnen, ‘omdat ik een beetje bruiner ben’. Dat deed me beseffen dat ik niet wit was, dat ik anders bekeken werd. Het is heel confronterend om er op die jonge leeftijd op gewezen te worden.”

“Dat is heel belangrijk voor adoptieouders en kandidaat-adoptieouders om mee te nemen,” vindt Emilie. “Adoptieouders moeten beseffen dat ze een kind met een andere cultuur in huis nemen. Die cultuur moet ook een plekje krijgen in de opvoeding. Je adopteert niet enkel het kind, maar ook heel zijn verleden: de rugzak van tijdens de zwangerschap t.e.m. de adoptie én zijn cultuur. Het is zo belangrijk om voor de juiste rolmodellen te zorgen waaraan het kind zich kan spiegelen.”

Danai beaamt dit. “En het stopt niet bij het adoptiekind zelf. Het gaat verder. Zoals wij er zijn: kinderen van geadopteerden, ook op ons heeft de adoptie een impact. Het gaat dus niet enkel over het verleden, maar ook over de toekomst.”

Belang van lotgenotencontact
Danai: “Twee weken geleden hebben we elkaar voor het eerst gezien. Ik voelde een verbondenheid die ik nog met niemand anders gevoeld heb. Je begrijpt elkaar volledig. Het is helemaal anders om met Emilie te praten over adoptie en de impact ervan dan met vrienden die geen geadopteerde ouder hebben. Zij kúnnen het niet begrijpen, want ze zitten niet in die situatie.”

Emilie: “Ik was ook op zoek naar lotgenoten als kind van een geadopteerde. Net voor de eerste lockdown ging ik voor het eerst naar India, op symbolische wijze tien jaar na het overlijden van mijn vader. Het was zowel een deel van mijn rouwproces als een zoektocht naar een deel van mijn roots. De hele coronaperiode heeft ervoor gezorgd dat ik meer aan zelfreflectie deed. Ik had veel vrije tijd, waardoor ik enkele maanden na de reis aan het fotoalbum begon. Ik voelde de nood om iets met mijn gevoelens en gedachten te doen. Daarom heb ik via Instagram een berichtje gestuurd naar a-Buddy, omdat ik graag contact wou met een ander kind van een geadopteerde.”

Danai was ook op zoek naar dat contact. “Die behoefte kwam er ook na mijn reis naar India. Er voelde iets niet goed. Ik probeerde dat gevoel te verdringen omdat ik vond dat ik het recht niet had me zo te voelen. Voor mijn mama moet het namelijk nog tien keer erger zijn. Ondertussen heb ik dat gevoel aanvaard. Het mag er zijn.”

Voor geadopteerden en kinderen van geadopteerden vinden ze vooral transparantie noodzakelijk en de mogelijkheid hebben om te weten van waar je komt. Emilie: “Bij mijn vader was de conclusie dat zijn papieren verbrand zijn. Ik heb nood aan de waarheid. Het gaat over het recht te weten wie je bent. Als ik Indische mensen op straat zie, dan kijk ik altijd en denk ik: wie weet is iemand familie van me.”

“Sommige vragen die ik me stel, zijn dezelfde als die die geadopteerden zichzelf stellen. Ik wil ook gewoon heel graag mijn Indische familie vinden. Transparantie is voor beiden de hoogste nood.”

Emilie en Danai benadrukken dat ze geen slachtoffers willen spelen van geadopteerden. Ze onderschatten de gevoelens en gedachten van geadopteerden, eerste ouders en adoptieouders niet en vinden veel gelijkenissen in de vragen die zij zichzelf kunnen stellen. “Maar adoptie heeft ook een grote impact op wie ik ben en hoe ik me voel. Soms voelt het wel een beetje alsof ik geadopteerd ben,” vertelt Emilie. “En dat mag niet onderschat worden,” vult Danai aan. “We hebben ook heel veel vragen waar onze ouders het antwoord niet op hebben of hadden. En een andere huidskleur hebben, dat heeft gewoon een impact.”

Vanuit a-Buddy zijn we heel blij dat we niet enkel voor lotgenotencontact tussen geadopteerden zorgen, maar ook voor de omgeving van geadopteerden. Via de aB-days zorgen we voor evenementen waar geadopteerden en hun omgeving welkom zijn. Zo bieden we laagdrempelig lotgenotencontact aan.